De actoren

Samen zorgen deze verschillende partijen voor de ontwikkeling van nieuw intellectueel eigendom dat de basis vormt van onze kenniseconomie rond life sciences:

  • Het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB), maar ook IMEC en iMinds zetten alsmaar sterker in op onderzoek.
  • Verder zijn verscheidene groepen binnen onze universiteiten bezig met innovatieve life science projecten.
  • Bovendien gebeurt er uiteraard ook heel wat onderzoek door de bedrijven zelf.

Kruisbestuiving tussen actoren is cruciaal

Op lange termijn moeten innovatieve ideeën kunnen worden getransformeerd tot concrete nieuwe startups en samenwerkingsovereenkomsten tussen academische instellingen en bedrijven. Enkel via samenwerking, vaak ook met zeer verschillende expertises, kunnen we komen tot implementeerbare businessconcepten en het opzetten van nieuwe bedrijven. En dat is uiteraard het uiteindelijke doel, willen we de gemaakte investeringen en de eventuele subsidies terugverdienen.

Aanvullende expertises

We zien alsmaar meer oplossingen opduiken voor consumenten en patiënten die een combinatie zijn van verschillende expertisedomeinen. Electronica, ICT en life sciences zullen het komende decennium steeds meer naar elkaar toe groeien, en dat zal in het voordeel van de patiënt zijn.

  • Een zeer goed voorbeeld is onze samenwerking met DSP Valley, de cluster rond micro-electronica. Micro-electronica kan immers een belangrijke rol spelen in heel wat innovatieve oplossingen.
  • Ook andere ICT-domeinen kunnen interessant zijn. Daarom bouwen we bv. ook onze samenwerking met iMinds verder uit.

Voorwaarden voor verdere groei

De Vlaamse regering heeft alvast de juiste keuze gemaakt met het inzetten op een clusterbeleid als basis voor het ontwikkelen van toekomstige economische activiteiten. We hebben als sectororganisatie de ambitie om dit verder helpen uit te bouwen.

Hiervoor zijn volgende zaken nodig:

  • Ten eerste moeten we ons wereldwijd positioneren door onze sterktes verder te ontwikkelen.
  • Ten tweede dienen we ons te profileren als een leidende topcluster, en dan zeker in die domeinen waarin we sterk zijn. We moeten globaal nog meer het voortouw durven nemen.
  • Bovendien is er nood aan een Europees tegenwicht voor de Amerikaanse investeringsfondsen. Een Europees life science fonds dat kan investeren in groeiende bedrijven zou toelaten om alles zelf in handen te houden. FlandersBio wil hier samen met andere leidende clusters in Europa voor ijveren.